Van maart 1980 tot november 1986 was ik coördinator bij de BOSK voor de afdeling M.B.D. te Utrecht. De BOSK was en is een vereniging van en voor ouders van gehandicapte kinderen en (jong)volwassenen met een handicap. Uiteraard werden ook de mensen in hun omgeving niet vergeten. Daarom kunnen ook familieleden en hulpverleners lid worden en een beroep doen op de deskundigheid van de BOSK. Toentertijd maakten kinderen met MBD syndroom (minimal brain disfunction) deel uit van de BOSK. Nu is dit fenomeen bekender onder de naam A.D.H.D. Deze afkorting betekent Attention Deficit Hyperactivity Disorder, oftewel aandachtstekort/hyperactiviteitstoornis.
Voor 20 uur per week bestonden mijn taken uit de landelijke coördinatie van contactpersonen, begeleider en trainer van deze contactpersonen voor wat betreft de contacten met individuele leden als ook met groepen;
gespreksleider van diverse gespreksgroepen van ouders met kinderen met een M.B.D.-syndroom, tegenwoordig bekend onder de naam van het A.D.H.D.-syndroom.
Het "aandachtstekort" slaat niet op onvoldoende aandacht krijgen. Wel kan iemand met ADHD onvoldoende aandacht schenken aan zijn of haar omgeving. Daardoor is het niet goed mogelijk om de aandacht bij één ding tegelijk te houden (concentratiegebrek). Een ADHD'er wordt snel afgeleid.
Hyperactiviteit kan zich uiten door lichamelijke onrust, maar ook door innerlijke onrust en impulsiviteit. Bij hyperactiviteit kan er ook sprake zijn van overmatige beweeglijkheid. Deze beweeglijkheid is door ADHD'ers vaak moeilijk te onderdrukken. Sommige ADHD'ers lijken zelf weinig tot niet bewust van hun eigen beweeglijkheid tot hen hierop gewezen wordt. De mate en manier van beweeglijkheid is voor elke ADHD'er verschillend. Sommigen maken voornamelijk grote bewegingen met benen of armen, sommigen friemelen meer met de vingers en handen. De beweeglijkheid kan in verschillende situaties ontstaan of verergeren. Over het algemeen zijn dat situaties met stress of een drukke omgeving (een situatie waarin veel prikkels moeten worden verwerkt).
Impulsiviteit ontstaat doordat teveel indrukken worden gevolgd door bijbehorend handelen. De handelingen moeten direct plaatsvinden en kunnen niet worden uitgesteld. Handelingen die eenmaal in gang zijn gebracht kunnen niet meer worden gestopt en moeten eerst worden afgemaakt. Er kan vaak minder goed onderscheid worden gemaakt tussen belangrijke en minder belangrijke zaken. Bij taken worden dan verkeerde prioriteiten gelegd.
Het voortdurend reageren op de omgeving en gevolg geven aan impulsen veroorzaakt het kenmerkende drukke gedrag van personen met ADHD.