woensdag, februari 22, 2012
Text Size

Licht van mijn vader

Dat het leven sterker is dan de dood; dat het leven sterke genoeg is om achter de grens van de dood verder te gaan - wel in een nieuwe manier van leven - dat leert ons Jezus'Verrijzenis. Die Verrijzenis wordt hier uitgebeeld in de Paaskaars. Het licht van de Paaskaars zegt iets over het eeuwige Licht, waarin Jezus nu opgenomen is door Zijn Vader. De kaars zelf is het symbool van de Verrezen Christus, Hij, "Het Licht der wereld", dat blijft schijnen tot in onze tijd.

Zo gaat het ook met ons, als wij geloven in Jezus'  Verrijzenis. Wel zal ons leven niet op eigen kracht blijven schijnen na ons sterven. Maar door de kracht van Jezus' Verrijzenis zal ook ons leven niet blijven steken in het duister van de dood. Onze levensweg loopt verder dan de laatste grenspaal.

Dat gaan we nu toepassen op pa, op opa. door de krach van Jezus' Verrijzenis zal ook zijn levensweg uitlopen in een nieuw leven. Zijn levensweg wordt hier uitgebeeld langs deze zes kaarsen. Zij beelden lichtpunten uit, die hij aangereikt kreeg langs zijn weg: fijne dingen die hij mocht meemaken - of dingen waarin hijzelf een lichtpunt, een hulp was voor anderen. Rob, Ruud en Roel zullen deze lichtpunten één voor één ontsteken.

  1. De eerste kaars is het symbool van de blijdschap, waarmee pa in Yogjakarta geboren werd en welkom geheten in het gezin van vader en moeder Ter Linden als één van drie zonen. Tevens gaat deze kaars branden voor het heilig doopsel, wat hij kort voor zijn huwelijk mocht ontvangen en waardoor hij werd opgenomen in onze christelijke gemeenschap.
  2. De tweede kaars is de warme oprechte liefde, die pa had voor zijn kleinkinderen Rob, Ruud,Roel en zeker ook voor Theuntje. De eerste keer, dat hij werkelijk zichtbaar geëmotioneerd werd, was toen hij hoorde opa te zijn geworden. Hij was de laatste jaren niet meer uit zijn woning hier te krijgen, behalve voor het afscheid van Theuntje en ook toen Rob en Ruud hun eerste heilige communie ontvingen. Hij waarschuwde altijd goed op zijn kleinkinderen te passen. Als er een smog-alarm in Rotterdam was, mochten zij niet komen. Hij wilde hen beschermen tegen alle onheil. En ook Det en ik moesten altijd voorzichtig zijn. Wanneer we op bezoek waren geweest, belde hij om te zien of we wel weer heelhuids thuis waren gekomen.
  3. De derde kaars straalt zijn liefd euit voor zijn woning, zijn thuis aan de Bajonetstraat 188 alhier te Rotterdam. Hier voelde hij zich veilig. Veilig voor alle dreigingen van buiten. Hier had hij alles onder controle, kon hij het leven overzien. Nergens anders voelde hij zich thuis met de radio op radio Rijnmond en televisie op CNN dag en nacht aan. Hier was hij tevreden in alle eenvoud met de meest essentiële dingen. Voor zichzelf had hij weinig nodig, dan zijn sigaartjes, slokje en een enkel hapje. Anderen schonk hij net zo eenvoudig zelfs hele luxa artikelen wanneer zij dat in zijn ogen nodig hadden.
  4. De vierde kaars gaat brandenuit dankbaarheid; dankbaarheid voor het vertrouwen, dat hij het laatste jaar en met name de laatste maanden, mocht ontvangen. Sinds hij zichzelf toestond anderen werkelijk te proberen te durven vertrouwen, werd hij hierin niet teleurgesteld. Een paar buren en later ook de medewerkers van de thuiszorg hebben pa tijdens zijn slopende ziekteperiode geholpen. De warmte van deze kaars gaat speciaal branden voor zijn buurvrouw Bernadette, die hem in volle overgave tot steun en toeverlaat is geweest. Zij was voor hem een groot lichtpunt tijdens zijn laatste strijd.
  5. De vijfde kaars geeft het licht van de moed waarmee hij toch jarenlang zijn ziekte heeft doorstaan. Deze ziekete, gevolg van een zwaarmoedige manier van leven, heeft hem langzamerhand lichamelijk en geestelijk bijna volledig gesloopt. Bijna, want pa werd zichtbaar gesterkt door het Heiig Sacrament der Zieken, dat hij in kleine kring nog bewust mocht ontvangen. Hij wist zich tot het laatst toe gesteund door het vertouwen in anderen en in zijn geloof.
  6. De zesde en laatste kaars symboliseert als het ware het paspoort van zijn geloof, waarmee hij bij de grens van zijn leven is aangekomen, waarmee hij nu van het ene huis aan de Bajonetstraat bij God, bij het Vaderhuis is aangekomen. In het licht van zijn geloof is hij ook gestorven. Het licht, dat nu overgaat in het "EEUWIGE LICHT."